Auteursarchief: Maartje Michelson-Duijzings

Koningsnacht in Parijs

Op vrijdagavond was het dan zo ver. De eerste Koningsnacht.
Marcel had als voorzitter van de Nederlandse Vereniging het voortouw genomen in de organisatie, ervan uitgaande dat meer mensen zich zouden aanmelden om het mee te organiseren.
Helaas, bleek er geen animo te zijn om deel te nemen in het Oranje Comitė. Dus, werd het een ‘Marcel Michelson – One Man Show’!
In de aanloop vreesden we dat er niet voldoende aanmeldingen zouden zijn, het liep erg stroef.
Dankzij Marcel’s aanhoudendheid met het zoeken en vinden van mogelijkheden om zoveel mogelijk bekendheid te geven aan DE AVOND werd het een daverende avond en nacht.
De Nederlandse band ‘Night Train’ was erg goed. En de Vlaamse frieten en Kwekkeboom bitterballen vonden gretig aftrek.
Marcel kreeg veel komplimenten. Met vooruitziende blik had Marcel voor ons een kamer geboekt in het Ibis hotel zodat we niet dezelfde nacht nog naar StG terug hoefden te rijden.
Stanneke Merle, een vriendin uit StG, bleef er ook overnachten.
Tegen drieëen liepen we met een voldaan naar ons hotel. Daarbij vergezeld door een 2-dimensionele foto van het koningspaar, liefdevol en onder grote hilariteit van meelopers, gedragen door Marcel.
Op zaterdagochtend na een laat ontbijt zijn we met ons drietjes en met het koningspaar op de achterbank terug gereden naar StG.

houlgate

Normandische kusten

Zoals jullie weten, in ieder geval zij die ons ‘volgen’, gaan we regelmatig richting Normandië. Dieppe en Saint Valėry en Caux, in het departement Seine Maritime (76) zijn onze favorieten. Op zaterdag, 4 januari, dachten we laten we eens een andere kant uitgaan. Nog steeds dezelfde richting naar het westen maar voorbij Rouen, dit keer richting de chique badplaatsen zoals Trouville, Honfleur, Cabourg allen gelegen tussen de Côte de Grâce en de Côte Fleurie.

Na de kaart meer in detail te hebben bekeken besloten we ons te richten op Cabourg. Ongeveer zo’n 180 km van StG vandaan. Het heeft een Casino en een ‘Grand Hotel’ waar Marcel Proust regelmatig verbleef in de zomermaanden. We namen de A13 naar Caen.

Om nog meer van de kust te genieten, namen we de afslag vóór Cabourg, namelijk Houlgate. Het is mij niet helemaal duidelijk of je deze naam op zijn ‘Engels’ of op zijn ‘Frans’ hoort uit te spreken. We hebben er in ieder geval heerlijk langs de kust, op het zandstrand, uitgewaaid. Bij l’Ambiance, mosselen met spekjes en chorizoworst, gegeten.

En toen naar Cabourg. Een badplaats die nog veel van haar ‘oude’ grandeur heeft behouden, met haar casino en haar chique, bontjas clièntèle. Daarna verder, zoveel mogelijk langs de kust rijdend, naar Caen en haar haven Ouistreham. Vanuit deze haven is er een regelmatige veerdienst naar Southampton in Engeland.

Op de kade hebben we schelpdiertjes gekocht. En staan kijken naar het aankomend en vertrekkend verkeer. Ik houd wel van deze bijzondere bedrijvigheid.

Daarna was het huiswaarts via de ons bekende route over Rouen

Marché Saint Quentin

Slenteren

Zaterdag was zo’n rustige herfstdag die vraagt om slenteren in Paris.
Het was een mistig begin, vanuit ons huis zag je de mist hangen boven de Seine. De kastanjes vallen als kogels zo hard uit de bomen voor ons huis. Zie foto van ons vorige stukje.
We gingen met de RER A naar het station Charles de Gaulle Etoille. Inderdaad, voor hen die Paris kennen ook wel bekend als de Arc de Triomphe.
Maar dit keer gingen we er niet uit maar namen metrolijn 2 naar Blanche. Dit station ligt naast de Moulin Rouge.
Hier begon ons slenteren. We liepen naar boven (zeg maar, heel ruw gezegd richting Sacrė Coeur), door rue Lepic met haar verzameling aan delicatessenwinkels, schoenenzaken, traiteurs, speciale groenten en fruit uitstallingen. Ons doel was de Comptoir Colonial, een zaak bekend om haar verscheidenheid aan gedroogde pepers, wij kochten er drie pakken Bucatini picolo nr. 14, onze favoriete spaghetti van De Cecco. Verder naar rue Veron, waar we neerstreken in de bar à vin Colibri.
Wie ons regelmatig volgt op onze tochten door P. heeft hier al vaker over gelezen. Het is een klein restootje (off the beaten track, dus vrijwel onbekend in het toeristencircuit). Waar de ‘lokalen’ eten. We raakten in gesprek met een 89-jarige man, een regelmatige klant, die door verschillende mensen werd begroet. Noem het een soort sociale controle, van hee, heb je Marcel vandaag al gezien voor lunch? Marcel is een veel voorkomende franse naam…. Tegen 14.00 vervolgden we onze ‘slenter’ via rue des Abesses naar een boekhandel aan de rue Yvonne Le Tac. Terwijl Marcel er rondsnuffelde ging ik naar een 2de-hands zaakje ernaast. Dit keer was er niets van mijn gading bij.
Marcel daarentegen kwam met een gelukzalige glimlach naar buiten. Via Boulevard de Clichy begon de afdaling naar het 9de arr., we begonnen in het 18de arr. Rue des Martyrs, een straat die afdaalt richting de Opėra Garnier, maar dit keer lieten we de fraaie creatie van Charles Garnier uit 1861 rechts liggen en vervolgden onze weg via rue Lamartine en rue Lafayette naar ons ‘oude’ quartier, in het 10de arr. dat ik nog steeds een warm hart toedraag. Via rue Chabrol, waar we woonden van mei 2008 tot juni 2011, naar de grootste overdekte markt van Paris, de Marchė Saint-Quentin. Het is een magnifiek gebouw met ijzeren dakspanten en dateert uit 1835. Toen de drukke Boulevard Magenta overgestoken naar het station ‘gare de l’Est’ om de terugreis, via het station Opėra, te aanvaarden.

Waterlelies in het parc floral

Parc Floral de Paris

Na meer dan 10 jaar denk je Parijs toch wel te kennen. Niet dus.

Twee van onze ‘vaste’ vleesleveranciers hadden ons toegangskaarten toegestuurd voor de beurs ‘Mer et Vigne’. Deze beurs vindt elk jaar plaats in het Parc Floral de Paris. Dit park is gelegen in het Bois de Vincennes en naast het Château de Vincennes.

Dit park ligt aan de oostkant van Parijs en er is een rechtstreekse verbinding met de RER A vanuit StG. Het is een reisje van zo’n 35 minuten, dwars door Parijs heen. Of eigenlijk moet ik zeggen door een tunnel onder Parijs door. Tot onze grote verrassing ontdekten we dat het een erg mooi park is. Opgedeeld in verschillende ‘gebieden’ waaronder een vijver met waterlelies, een openluchttheater en kassen.

De beurs vond plaats in het overdekte evenementen gebouw. Na een tocht langs stands van kaas/wijn/keukenapparatuur, vonden we onze twee ‘hof’leveranciers (Allaiton voor lamsvlees en Michel Restivo met stierenvlees). Als lunch hadden we gegrilde worst met aligoté uit de Auvergne met een glas Minervois.

Na afloop hebben we een kort bezoek gebracht aan het kasteel – erg indrukwekkend. We gaan er vast en zeker nog een keertje (of twee) naar toe. Het stadje Vincennes is trouwens ook een terugkeer waard.